Artikelen:
Geniet van Istanbul met Marc Guillet

Rotterdamse vrouw met baby mag eindelijk Turkse cel uit

23 jul
2019
Door: Marc Guillet
Er zijn nog geen reacties

Rojda (31), een Rotterdamse vrouw die met haar baby in Istanboel al 15 weken in voorarrest zit, mag de gevangenis verlaten. De rechtbank in Istanboel besliste gisteren dat ze het vervolg van haar proces buiten de vrouwengevangenis mag afwachten. Ze kreeg echter tevens een uitreisverbod en moet zich elke week bij de politie melden.

De echtgenoot van Rojda, haar moeder, oma en beste vrienden juichten en vielen elkaar huilend van geluk in de armen. “We hadden gehoopt op vrijspraak en als dat niet mogelijk was op voorwaardelijke vrijlating”, zei haar man. “Ik heb gemengde gevoelens: super blij en tegelijk teleurgesteld dat ze niet mee mogen naar Nederland”.

Rojda’s moeder struikelde over haar woorden van opwinding en opluchting. “Ik ben zo ontzettend blij. De afgelopen maanden heb ik zoveel moeten huilen van de pijn en de stress”.
Haar kleindochter van 8 maanden was geen getuige van de juridische zitting. Zij werd opgevangen in de gevangenis door de andere vrouwen die in hetzelfde celblok zijn opgesloten. Sinds de arrestatie op 5 april maakt de baby deel uit van de nachtmerrie waarin haar moeder na een stedentrip in Istanboel terecht is gekomen.

“Dit is te bizar voor woorden”, aldus haar man. “Mijn vrouw betrokken bij een terroristische organisatie? Ze deed alleen maar vrijwilligerswerk, omdat ze heel sociaal betrokken is. Bovendien nodigde burgemeester Aboutaleb haar uit voor gesprekken tussen Turkse en Koerdische organisaties. Je denkt toch niet dat de burgemeester met een terrorist aan tafel gaat zitten?”
Steun was er in het paleis van justitie ook van vertegenwoordigers van minister Stef Blok (Buitenlandse Zaken). Zowel de viceconsul uit Istanboel als de plaatsvervangend ambassadeur Erik Weststrate uit Ankara was aanwezig. Samen waren zij het gezicht van de stille diplomatie die minister Blok achter de schermen voert om de Rotterdamse vrouw en bijna twintig andere Turkse Nederlanders die in Turkije vast zitten, vrij te krijgen.

Bij de Koerdische SP-politicus Murat Memis (31) uit Eindhoven heeft dat vermoedelijk in zijn voordeel gewerkt. De rechtbank in Antalya sprak hem begin deze maand aan het eind van de eerste zitting vrij van propaganda voor het terrorisme.
Voor de Koerdische moeder uit Rotterdam liep het wat anders. Het surrealistische drama waarin zij ongewild de hoofdrol speelt, is voorlopig nog niet voorbij.

De Turkse justitie klaagt haar aan voor banden met de illegale Arbeiderspartij van Koerdistan (PKK). Ze zou actief zijn geweest in de Raad van Democratische Gemeenschappen uit Koerdistan in Nederland, DemNed. Ook was ze tot covoorzitter gekozen van het Koerdisch Cultureel Centrum in Rotterdam, waar ze vrijwilligster was. Beide zijn legale organisaties in Nederland.
In de tenlastelegging staat dat ze wordt verdacht van ‘lidmaatschap van een gewapende terroristische organisatie’, de PKK. Daarop staat in Turkije een maximumstraf van 15 jaar.
De Turkse autoriteiten zien de Koerdische organisaties waarin zij actief was als mantelorganisaties in het uitgebreide netwerk in Europa ‘van de separatistische terreurorganisatie PKK’.

De vrouw voerde haar verdediging in het Nederlands. Huilend vroeg ze de rechter wat ze gedaan had. “Het is onbegrijpelijk dat Turkije mij en mijn vrijwilligerswerk als een bedreiging ziet. Mijn dochter is bijna 9 maanden. Ze is de helft van haar leven tussen betonnen muren in een gevangenis opgegroeid. Mijn man herkent ze niet meer”.

De tenlastelegging is 23 pagina’s lang. Slechts drie daarvan gaan over de Rotterdamse, haar persoonsgegevens, wanneer ze is aangehouden, wat er in beslag in genomen, en het verslag van het verhoor. De overige 20 pagina’s gaan over de geschiedenis, organisatiestructuur en activiteiten van de PKK.

Uit onderzoek van de Turkse geheime dienst is komen vast te staan dat haar naam niet voorkomt in het archief van het politiedepartement voor contraterrorisme, aldus de tenlastelegging.
De openbare aanklager concludeert dat er voldoende bewijs is dat de Koerdische moeder lid was van een ‘gewapende terroristische organisatie’ aangezien zij actief was in twee Koerdische organisaties. Die zijn volgens het openbaar ministerie onderdeel van de ‘buitenlandse illegale structuur van de terreurorganisatie PKK’.

In de aanklacht staat verder dat ‘Nederland een van de Europese landen is waarin de terreurorganisatie PKK actief in het buitenland activiteiten uitvoert’. Ondanks het besluit van de EU Raad om de PKK in 2014 op te nemen in de zwarte lijst van terreurorganisaties ‘zet de terreurorganisatie haar organisatorische activiteiten voort via legale/illegale schijnformaties, en voert zij haar politieke propaganda en werkzaamheden duidelijk uit’, zo luidt de klacht.
“Nederland heeft voor wat betreft de politieke activiteiten van het Koerdische nationalisme, een belangrijke centrale plaats”.

Het openbaar ministerie stelt dat ‘Nederland aan het hoofd staat van Europese landen waar de PKK-terreurorganisatie al haar activiteiten makkelijk kan realiseren en waarmee wij inzake de bestrijding van de separatistische terreur niet volledig kunnen samenwerken’.

Reageren




*

Duizenden Turken beboet voor roken in auto, maar aantal rokers neemt nauwelijks af

Horendol van ongevraagde verkooptelefoontjes

Animo mkb-ondernemers voor Turkije daalt dramatisch

Trouwstoet in Turkije eindigt vaak in chaos