Artikelen:
Geniet van Istanbul met Marc Guillet

‘Volop kansen in Iran voor Nederlandse ondernemers’

8 nov
2015
Door: Marc Guillet
Er zijn nog geen reacties

Interview met ondernemer Rutger de Bruijn in Bangalore

Voor: Trade & Investment Center

“Mijn eerste vier jaar als onervaren, startende ondernemer in India waren heel zwaar. De afgelopen vier jaar waren fantastisch”. Rutger de Bruijn windt er geen doekjes om. Het ging met vallen en opstaan. Soms was er heel weinig of geen geld, maar hij geloofde heilig in de kansen die de opkomende markt India bood en zette koppig en vol optimisme door.

“Ik leerde allerlei grote IT-bedijven kennen die hun wersterse high tech wilden verkopen, maar ik zag al snel in dat je in een land als India vooral oplossingen moet aanbieden, moet samenwerken met partijen, en niet moet proberen kant en klare producten te verkopen. Het mkb is veel beter in staat met op maat gesneden oplossingen te komen en de klant op een persoonlijke manier te helpen. De relatie is heel belangrijk”

De biomedicus die ondernemer werd, vertrok de dag na zijn afstuderen naar India. Dat is nu negen jaar geleden. Hij was vaker in landen als Turkije, Iran en India, landen die hij het ‘wilde oosten’ en de ‘frontier countries’ noemt, maar hij werd definitief aangestoken door de energie, dadendrang, dynamiek en ambitie van de Indiërs toen zijn professor Desiree van Gorp hem in 2006 als de ‘Best of class’ op Nyerode meenam op een studiereis naar India. Als avontuurlijke jonge ondernemer had hij vanaf de eerste dag ambities in de trant van de ‘sky is the limit’.

In 2007 richtte hij zijn adviesbedrijf  NexusNovus op en vestigde zich in de miljoenenstad Bangalore, de hoofdstad van de zuidwestelijke staat Karnataka, die bekend staat om zijn high tech industrie. Als managing partner is hij inmiddels verantwoordelijk voor de global services en market research activities van het consortium Trade & Investment Center en NexusNovus.

Naast consultancy projecten voor klanten als de zuivel multinational Danone is De Bruijn actief bij het ondersteunen van Nederlandse mkb-bedrijven in sectoren als afvalverwerking, cleantech, gezondheidszorg, de maakindustrie, en agri-food.

Gepassioneerd vertelt hij over de emerging markets India, Iran en Turkije. Regionale grootmachten in opkomst. “Alle drie zijn het landen met oude, hoogwaardige beschavingen.” In de afgelopen eeuwen werden ze door geopolitieke verschuivingen en de langdurige dominantie van het Britse kolonialisme economisch overschaduwd en teruggeworpen tot status van derdewereld land, maar de bron van hun kracht is niet verdwenen: hun strategische lokaties. “Daarom hebben deze opkomende markten nu zo’n dynamiek. Dat geldt al voor Turkije en India, en dat zal ook in Iran gaan gebeuren als alle sancties beëindigd zijn.” Hij somt de voordelen die Iran heeft op: een jonge, hoogopgeleide bevolking, een grote binnenlandse markt van 78 miljoen consumenten, en een grote behoefte aan buitenlandse investeringen in talloze sectoren.

De Bruijn zegt altijd op zoek te zijn ‘naar blue oceans in nieuwe markten’. “Naar sectoren waar jij de eerste bent en waar jij omdat je anders bent en anders werkt, en de juiste connecties hebt dingen gedaan kunt krijgen die anderen niet kunnen. Ik vermijd sectoren of producten in red oceans waar figuurlijk gezien al veel bloed vergoten is doordat er heel veel concurrenten zijn. Werken op dat soort markten is een zero sum game en vechten voor 1 procent marktaandeel. Dat is niet interessant.”

Heel vaak kan hij projecten optuigen door onderdelen van verschillende bedrijven uit Nederland samen te brengen. “Samen met Nederlandse ondernemers en lokale partners werken aan een goede oplossing voor een redelijke prijs. Dat is onze kracht. Altijd heb je natuurlijk ook de politiek en de bureaucratische connecties nodig. Een goed netwerk is essentieel. De ingewikkelde projecten waarvoor wij ons inzetten en wij toegevoegde waarde kunnen bieden, is natuurlijk heel iets anders dan kaas verkopen.”

Iran heeft een hele grote agrisector. Maar 20 procent van het landareaal is geschikt voor land- en tuinbouw, maar zeker 30 procent van de beroepsbevolking is daarin werkzaam. “Dat betekent dat er heel veel kansen zijn voor automatisering, schaalvergroting, innovatie, foodprocessing. Want de trek van kleine boertjes naar de stad is een proces dat blijft doorgaan. Om daar succesvol te zijn als Nederlandse ondernemer moet je heel goed weten wat er cultureel wel en niet kan.”

De Bruijn verwacht dat foodprocessing in de agrisector als eerste van de grond komt. “Zodra dat goed draait, kunnen ze ook gaan exporteren naar de Golfstaten, naar India, en andere landen. Daarvoor is het nodig dat ze hoogwaardige levensmiddelen gaan produceren. Een grotere export betekent ook het uitbreiden, uitdiepen, en moderniseren van de havens. Ook daar zijn Nederlandse bedrijven sterk in, net zoals water management waaraan steeds meer behoefte komt.”

Zodra de embargo’s tegen Iran worden opgeheven, gaat er heel veel geld naar het land stromen. Vele miljarden. Die zullen de Iraanse economie een enorme boost geven. “Iran wil zijn economie verbreden. De inkomsten uit de olie export zijn al flink gedaald. In het tijdperk van de post olie industrie zullen uitbreiding en modernisering van agri, mijnbouw en de maakindustrie heel belangrijk worden. En daar kunnen Nederlandse ondernemers een bijdrage aan leveren.”

De Bruijn is er zeker van dat Iran een mooie toekomst tegemoet gaat. “Iran keert terug naar de glorietijd van de oude Perzische beschavingen”.

 

Reageren




*

Duizenden Turken beboet voor roken in auto, maar aantal rokers neemt nauwelijks af

Horendol van ongevraagde verkooptelefoontjes

Animo mkb-ondernemers voor Turkije daalt dramatisch

Trouwstoet in Turkije eindigt vaak in chaos