Artikelen:
Geniet van Istanbul met Marc Guillet

Nog geen helderheid bloedbad

6 jan
2012
Door: Marc Guillet
Er zijn nog geen reacties

in: Algemeen Dagblad

ISTANBUL – In Turkije groeit de druk op generaals, justitie en de regering om nu eens duidelijkheid te verschaffen over het bloedbad waarbij 35 burgers de dood vonden. Premier Erdogan heeft een onderhoud van anderhalf uur gehad met de chef van de generale staf, Necdet Özel. Deze gaf informatie over het onderzoek naar het bombardement van Turkse F-16 gevechtsvliegtuigen tegen jonge Koerdische smokkelaars die werden aangezien voor PKK-rebellen.

Vice-premier Atalay heeft de nabestaanden smartegeld beloofd. Hij betoonde zijn medeleven, maar onderstreepte tevens dat er geen formele spijtbetuiging van de regering zal komen.

De autoriteiten noemen de dood van de 35 jonge mannen – de meesten tussen de 12 en 18 jaar uit het gehucht Gülyazi  – een ‘operationele vergissing’. Premier Erdogan heeft gezegd dat er een analyse wordt gemaakt van 4 uur beeldmateriaal van de smokkelaars op hun ezels en het bombardement, afkomstig van een onbemand spionagevliegtuigje boven het grensgebied met Noord-Irak.

Verontwaardigd wees hij berichten uit de krant Taraf van de hand dat tot de aanval was besloten op basis van informatie van de nationale spionagedienst MIT. Deze zou volgens Taraf  hebben laten weten dat er PKK-militanten, onder wie een hoge commandant, met wapens en explosieven probeerden Turkije binnen te komen. Nog steeds is er geen antwoord op de vraag: wie gaf opdracht tot het bombardement?

In de media gonst het van de geruchten dat er mogelijk sprake is van vuil spel. Het wordt niet uitgesloten geacht dat tegenstanders van de regering binnen de geheime dienst bewust verkeerde informatie hebben doorgespeeld aan de legertop om premier Erdogan politiek te beschadigen en het nationalisme van de Koerden en Turken weer aan te wakkeren. Daarmee zou een obstakel worden opgeworpen voor het opstellen van een nieuwe, liberale grondwet waarin de Koerden meer rechten krijgen en de politieke invloed van het leger verder wordt teruggedrongen.

De Turkse bevolking reageert zeer verdeeld op de gebeurtenissen. Nationalisten – niet alleen de partij van de Grijze Wolven, maar ook in de islamitische regeringspartij AKP en in de sociaal-democratische oppositiepartij CHP – geloven wat de generaals zeggen: dat ze informatie hadden dat het om terroristen ging. Volgens Koerden en liberale Turken gaat het om een nieuwe blunder van de generaals in de oorlog tegen de PKK.

Het bloedbad geeft aan dat de nieuwe weg die de regering is ingeslagen – de ‘oorlog tegen terreur’ – een doodlopende weg is. Hoop is vervangen door woede en politieke dialoog door paranoia. Alle uitingen van Koerdisch nationalisme worden op dit moment gebrandmerkt als ‘terreur’.

Minister van binnenlandse zaken, Naim Sahin, zei zelfs dat pro-Koerdische gedichten, schilderijen, en artikelen ‘terreur’ kunnen zijn. Drieduizend Koerdische burgemeesters, studenten, intellectuelen, activisten en academici zijn de afgelopen maanden al achter tralies gezet wegens lidmaatschap van de KCK. Dat is volgens justitie de civiele arm van de PKK.

De AKP-regering van premier Erdogan, die in juni werd herkozen met 50 procent van de stemmen, heeft aangegeven dat het oplossen van de Koerdische kwestie een van haar belangrijkste prioriteiten is. Maar met de ‘nieuwe strategie tegen het terrorisme’, die voornamelijk bestaat uit arrestaties, bombardementen en andere militaire acties, verspeelt ze nog meer politiek krediet bij de Koerden. Voorzitter Selahattin Demirtas van de Koerdische partij voor Vrede en Democratie (BDP) sprak van een ‘nieuwe afslachting’. En de prominente Koerdische politicus Ahmet Türk, noemde het zelfs ‘genocide’.

De regering is in de val gelopen van de PKK door op een escalatie van aanslagen en terrorisme afgelopen zomer te reageren met totale oorlog, net op het moment dat steeds meer Koerden zich begonnen af te zetten tegen het geweld van de PKK, dat sinds 1984 al meer dan 40.000 doden heeft gekost.

Uit reacties van columnisten, van lezers op internet, en in theehuizen en kapperszaken blijkt opnieuw dat Koerden in Turkije vaak worden gewantrouwd en gediscrimineerd. De nadruk in het debat ligt niet op de militaire blunder, maar op de smokkelaars. “Ze werkten vast samen met de PKK” is een veelgehoorde opvatting.

De vertrouwenskloof tussen Koerden en Turken groeit zienderogen. Om een vreedzame oplossing te vinden voor het belangrijkste probleem van Turkije zal de regering een duidelijk onderscheid moeten maken tussen politiek Koerdisch nationalisme en het geweld van de PKK. Maar voor die nuancering is op dit moment geen ruimte. De keuze is volgens analist Murat Yetkin nu ‘niet tussen haviken en duiven, maar tussen haviken en adelaars’.

 

 

Reageren




*

Dordtse Deniz mag al een jaar Turkije niet uit: ‘Ik hoop op vrijspraak’

Duizenden Turken beboet voor roken in auto, maar aantal rokers neemt nauwelijks af

Horendol van ongevraagde verkooptelefoontjes

Animo mkb-ondernemers voor Turkije daalt dramatisch