Artikelen:
Geniet van Istanbul met Marc Guillet

New York aan de Bosporus

5 nov
2010
Door: Marc Guillet
Er zijn nog geen reacties

1316marcOntdekkingstocht door Istanbul

in: De Morgen Magazine

Foto’s: Slawomira Kozieniec

Istanbul weet bezoekers al eeuwenlang te betoveren. Met bazaars, byzantijnse kerken, oriëtaalse paleizen en sultansmoskeeën uit de tijd dat de stad nog Constantinopel heette. Maar Istanbul is inmiddels ook een hippe, swingende wereldstad: het New York aan de Bosporus. Een bruisende stad vol verrassingen.

De Galatabrug is Istanbul in het klein. De kosmopolitische wereldstad laat zich hier in talloze gedaanten zien. Walmende oude stadsbussen naast moderne ‘groene’ bussen en gele taxi’s op lpg. Rammelbakken van migranten uit Anatolische dorpen. Vlak daarachter een stoer ronkende Porsche Cayenne Turbo S met keiharde hip hop uit de boxen. Een Turkse macho achter het stuur en een paar vriendinnen in minirokjes, uitdagende decolletés en trendy zonnebrillen.

Koerdische venters staan met handkarren op de brug. Ze verkopen gezouten zonnebloempitten, amandelen en pistachenootjes. Werklozen met ongeschoren wangen hangen hier elke dag over de reling met hun hengels. Met enige regelmaat halen ze spartelende visjes naar boven. Veerboten varen af en aan. Vissersbootjes lossen hun vangst – ansjovis, sardientjes, makreel en mul – bij de vismarkt aan de kade. Luxe jachten varen langs. En enorme cruiseschepen meren aan voor een dagje Istanbul.

De Galatabrug over de Gouden Hoorn is het ideale beginpunt voor een ontdekkingstocht door Istanbul, tot 1923 de majestueuze hoofdstad van het Osmaanse Rijk. De sultans hadden beroemde architecten als Mimar Sinan in dienst om de mooiste imperiale moskeeën te bouwen die qua grandeur wedijveren met de islamitische godshuizen in Cairo en Mekka. Die van Süleyman de Prachtlievende bij voorbeeld, met zijn vier minaretten.

In het verlengde van de Galatabrug is de Kruidenbazaar met zijn exotische geuren en kleuren. En iets verderop de heuvel het oriëtaalse labyrint van de Grote Bazaar (‘Kapali Çarşi’ in het Turks). Ruim 500 jaar oud en zeker 3600 winkeltjes. Het is er een en al bedrijvigheid en een feest voor alle zintuigen. De verkopers trekken elke denkbare trukendoos open om toeristen binnen te lokken. Niemand koopt zonder af te dingen. Dat hoort bij het spel. Dertig procent kan er meestal wel van de prijs af. De aanhouder wint.

Oude tijden herleven bij het betreden van de Zincirli Han, een hofje uit de 18e eeuw waar handelaren hun waren en lastdieren stalden. Op de begane grond, waar de dieren stonden, zijn nu winkeltjes. Op de eerste verdieping, waar de reizigers sliepen, maken juweliers sieraden. Je vindt dit hofje in het oudste deel van de bazaar, in de Kuyumcular Caddesi (straat).

Links van de Galatabrug zie je de torens van het Topkapi paleis. Van daaruit bestuurden de sultans het Osmaanse Rijk en leefden hun vrouwen en slavinnen in de haremvetrekken. Absoluut een bezoek waard.

Vlak daarnaast is de beroemde Aya Sophia uit 537, met zijn schitterende mozaieken en indrukwekkende koepel. Na de verovering van het christelijke Constantinopel door sultan Mehmet II ‘de Veroveraar’ (1453) was de kathedraal bijna 500 jaar een moskee. Atatürk besloot dat het historische gebouw alleen nog dienst mocht doen als museum. Een slimme zet, want daarom moet elke toerist nu 20 lira (10 euro) betalen om binnen te komen.

Istanbul moet je zeker ook vanaf het water zien. Dan komen de skyline – een mix van de Oriënt en moderne westerse hoogbouw – en het karakter van de stad pas echt tot leven. Dat kan vanaf Eminönü, vlakbij de Galatabrug, met een georganiseerde tourboot. Die vertrekt elk uur en vaart twee uur tot de tweede Bosporusbrug en terug. Het leukst is echter een rondvaart met de gewone veerboot ‘Bogaz Hatti’ die twee of drie keer per dag vertrekt, ook vanaf Eminönü. Zizaggend over de Bosporus – waarbij hij zes dorpjes aandoet  – tot aan het laatste dorp Anadolu Kavagide. Loop daar de heuvel op tot de ruïne van de 14de-eeuwse Genuese burcht waar je een prachtig uitzicht hebt op de Zwarte Zee. Geniet vervolgens beneden in het dorp op een van de terasjes van tarbot of andere vis en een goede Turkse witte wijn.
1226marcElegante houten villa’s (yali’s), zomerverblijven van voormalige notabelen uit de Osmaanse tijd, sieren de oevers van de Bosporus. Net als paleizen, moskeeën, forten en musea. De meest indrukwekkende tentoonstelling tot 4 september is in het Sakip Sabanci museum (na de tweede Bosporusbrug): ‘Legendary Istanbul – From Byzantion to Istanbul’. Eeuwenoude voorwerpen uit de lange geschiedenis van deze stad bijeengebracht vanuit vele topmusea uit Europa.

Genietend van de stad zul je onverwachts overblijfselen ontdekken uit vervlogen tijden van Europese christenen, joden, sultans, dansende derwisjen en het exotische van de Oriënt. Of sporen vinden die doen denken aan de Belgische aanwezigheid in deze stad. Zo werd het Sirkeci station, het laatste station op Europees grondgebied , speciaal gebouwd voor de legendarische Oriënt Express, in het leven geroepen door de Belg Georges Nagelmackers, stichter van de Wagons-Lits slaaptreinen. Nagelmackers liet ook luxe hotels bouwen voor de bestemmingen van zijn Wagon-Lits treinen. Ook in Istanbul: het fraaie Pera Palas hotel. Het wordt deze zomer, na een grondige restauratie, heropend.

Istiklal Caddesi, Onafhankelijkheidslaan, nu de slagader van de uitgaanswijk Beyoğlu, was tot de jaren 20 bekend als de Grande Rue de Péra. Er lag een dubbele tramrails. Opschriften van etalages, reclame- en uithangborden van winkels, restaurants en hotels waren in het Grieks, Frans, Russisch, Engels of Osmaans. Het was een bruisende, cosmopolitische wijk waar de rivaliserende grootmachten hun ambassades en spionnen hadden. Er reden auto’s, maar niet veel. De meeste mensen gingen te voet. Mannen met baarden in lange gewaden en een tulband of de typisch Turkse fez op het hoofd. Maar ook veel gladgeschoren mannen met stropdassen en  bolhoeden. Sjouwers van het platteland met zadels op hun rug droegen zware lasten naar de winkels. Ze zijn er nog steeds, nu vooral in en rond de Grote Bazaar.

Dames uit de welgestelde kringen waren gek op haute couture zoals in Londen en Parijs. Het meest gewild waren de ontwerpen van couturier Jean Botter, een Nederlander die de favoriete mode-ontwerper was van sultan Abdül Hamit (1876–1909). Het herenhuis, dat de sultan voor hem liet bouwen en waarin ook zijn atelier en boutique gevestigd waren, staat er nog steeds. Naast het Zweedse consulaat aan het begin van Istiklal. De gevel was het eerste voorbeeld van ‘art nouveau’ in Istanbul. Opvallend zijn de rozen, andere bloemmotieven en Medusa hoofden.

Istiklal Caddesi, een winkelpromenade van bijna 3 km lang, begint voorbij de Galatatoren – waar je van bovenaf een mooi uitzicht hebt op de Gouden Hoorn en de oude stad! – en eindigt op het Taksim plein. Hier woonden tijdens het Osmaanse rijk de niet-moslims. Vooral Grieken, Italianen, Armeniërs, Joden en andere buitenlanders. Hier waren de taveernes, nachtclubs, bordelen en live muziek. Na de onafhankelijkheidsoorlog, de revolutie van Atatürk en het uitroepen van de republiek in 1923 veranderde er veel. Péra werd voortaan op zijn Turks Beyoğlu genoemd. Veel Armeniërs waren gedood of gevlucht. Veel Grieken werden weggepest. Maar het uitgaansleven bruist als nooit tevoren.

In Babylon bijvoorbeeld, een moderne muziektempel met een breed scala aan muziekstijlen en artiesten, van allerlei soorten wereldmuziek tot rock, jazz en electronic. En Ghetto met veel jonge, liberale en progressieve professionals uit het alternatieve circuit en de gay scene die vaak werken bij ngo’s. De muziek is meer lokaal Turks: pop, jazz, techno. Maar er komen ook buitenlandse dj’s en bands. Of Jolly Joker Balans, de Mojo Blues bar of het heavy metal cafe DoRock waar elk weekend live optredens zijn, onder andere van de Turkse meidenband Kirmizi. Dogztar heeft veel bands uit Engeland en speciale aandacht voor percussion en blaasinstrumenten. Araf heeft een jaren 70 sfeer, authentieke zigeuner/Balkan muziek en oriëntaalse blues. Maar er is ook salsa, folk music en punk. Daarom is de dansvloer bijna altijd afgeladen vol.

De Peyote Club in Nevizade heeft een alternatieve, underground music scene. Een kweekvijver voor indie bands als Chopstick Suicide. Enkele van de grootste namen uit de alternatieve scene – zoals Mor ve Ötesi, Replikas en Baba Zula, begonnen ooit in deze club.

Bezoek ook een van de vele Türkü bars. Vanaf het Taksim-plein in de linkse zijstraatjes van de Istiklal straat. Je hoort er allerlei bandjes traditionele volksmuziek spelen. Verder zijn er overal in de zijstraatjes van Istiklal bars te vinden met live muziek. Istanbul swingt. Doe mee, want dit is een ‘city that never sleeps’. Hier in het New York aan de Bosporus.

Istanbul is ‘hot’. Door zijn aanstekelijke dynamiek en energie. Door de vele nieuwe galleries, musea, boetiekjes en restaurants. Door de aan de weg timmerende couturiers en popsterren. Door zijn internationaal doorgebroken auteurs als Elif Shafak en Orhan Pamuk. De weemoed die Pamuk voelt in zijn Istanbul, die treurt om de vergane glorie van het Osmaanse wereldrijk, heeft plaatsgemaakt voor optimisme. De stad bruist nu van creativiteit, werkdrift en ambitie.

Ook in culinair opzicht is de stad een ‘melting pot’ geworden met een grote variëteit aan keuzes. Van traditioneel Turkse gerechten en eetgelegenheden tot fusion food en moderne, prachtig gelegen restaurants. Midpoint aan de Istiklal Caddesi bijvoorbeeld. Een ruim, modern ingericht restaurant met een heel mooi terras en een schitterend uitzicht op de Bosporus. Een goede kaart, inclusief vegetarische gerechten. Redelijke prijzen en goede wijnen.

Bekend is ook ‘360’, een penthouse restaurant bovenop het Misr Apartment, eveneens aan de Istiklal. Minder bekend en minder duur, maar met een even mooi uitzicht is Litera, op de bovenste verdieping van het Goethe Instituut, in het Yeni Carsi steegje, nummer 32, naast het Galatasaray lyceum. Een geheel andere, meer traditionele dinerervaring is Yakup 2. Een authentieke meyhane (taveerne) in Asmalimescit. Yakup 2 heeft een heerlijke nostalgische sfeer met foto’s aan de muren van gasten uit vervlogen tijden. Vraag daar om ‘mezeler’ (koude voorgerechten) en kies bij voorbeeld hersenen. Een ‘must’ is ook een van de visrestaurantjes in Nevizade, een straatje achter de  Çiçek Pasaji waar ook veel leuke restaurantjes zijn. Doe zoals de Turken en bestel bij de vis raki (anijslikeur). Het was ook de favoriete drank van Atatürk. En geniet na de maaltijd van ‘sahlepi dondurma’, typisch Turks ijs, dat stevig is als kauwgum, minder snel smelt en gemaakt is van geitenmelk, mastiek en poeder van wilde orchideeën.

Ga koffie drinken of op zondagochtend brunchen op het terras van het Kempinski hotel aan de oever van de Bosporus, waar Oprah Winfrey te gast was en alle koningen, presidenten en popsterren logeren als ze in Istanbul zijn.

Op Istiklal Caddesi is het altijd druk. Dag en nacht. Er zijn tientallen boetiekjes, grote modezaken, galleries, bioscopen, boek- en muziekwinkels, cafes, bars en clubs met live (canli) muziek en talrijke restaurants. Wie nog iets van het oude Istanbul wil opsnuiven bezoekt de diverse winkelpassages.

Een echt pareltje is de Hazzopulo Passage, schuin tegenover de barokke, goudgekleurde poort van het Galatasaray Lyceum. Via de ‘geheime’ ingang op nummer 16, tegenover het Yapi Kredi Kültür Merkezi en naast het fraaie Konak Kebab restaurant  kom je in een steegje met piepkleine winkeltjes. Of via de in 2002 gerestaureerde hoofdingang tegenover het Britse consulaat aan de Mesrutiyet Caddesi. Het binnenpleintje met kinderkopjes is een oase waar het genieten is van de rust en thee uit tulpvormige glaasjes. Of speel er tavla (backgammon) op een van de vele beschikbare borden. De Turken leggen je graag de spelregels uit.

Vlakbij de Hazzopulo Passage is een juweeltje waar alle toeristen aan voorbijlopen: de Armeense Üç Horan (Drie Altaren) kerk uit 1838. Hij is in de zomer van 2009 prachtig gerestaureerd. Vrijwel elke zondagmiddag is er rond drie uur een feestelijke huwelijksinzegening met bruiden klassiek in het wit en met vijf priesters. Ook als er geen diensten zijn, is de kerk een bezoekje waard. Vraag naar veiligheidsbeambte Sarkis, die Duits spreekt, en hij zal desgevraagd de lichten in de kerk ontsteken. Loop vanaf het Britse consulaat door de Avrupa Passage tot je op de Balik Pazari (vismarkt) komt. De kerk ligt aan dat straatje, verscholen achter een grote zwarte deur.

Cihangir

Wie vlak voor het Taksim plein, aan het eind van de Istiklal, naar rechts gaat komt via de Sira Selviler Caddesi (Cypressenstraat) in de wijk Cihangir. Aan de linkerkant van de drukke straat zien we het ‘Palais de Belgique’, het gebouw van het Belgische consulaat-generaal.

Moslima’s met hoofddoeken en mannen met baarden wonen hier niet. Multiculti voert de boventoon in deze gezellige buurt. Cihangir lijkt met zijn 19e eeuwse, statige en pastelkleurige gevels meer op Parijs dan op Istanbul.

Behalve de oude burgerij –  moslims en christelijke Grieken en Armeniërs –wonen hier veel kunstenaars, acteurs, journalisten, artsen en buitenlanders. Een trendy buurt en gezien de snel stijgende huren ook een status symbool.

Met enige regelmaat klinkt in de Sira Selviler de oproep tot gebed ‘Allah-o akbar’. Opvallend, omdat niet-moslims van oudsher de meerderheid vormden in deze wijk. Het gezang komt van de Firuz Aga moskee. Een gebedshuis uit 1491, dat bijzonder is omdat het geen koepel maar een puntdak heeft. Het terras van de Kardeşler Kebab Salonu voor de moskee is een populaire hangplek voor de locals. ‘Buyurun, buyurun’ (kijkt u eens!) roepen de obers uitnodigend. En er volgt standaard een warm ‘Hoş geldiniz!’ (welkom) wanneer de voorbijganger besluit in het zonnetje een glaasje çay (thee) te drinken.

In het Simsirci straatje wacht een andere verrassing: een dierenwinkel! En verderop een schoonheidssalon annex polikliniekje voor huisdieren! Ze schieten als paddestoelen uit de grond. Een teken dat steeds meer Turken zich niet langer houden aan de islamitische normen en waarden, want strenge moslims vinden honden onreine dieren.

In het Akarsu straatje zijn een paar leuke cafes en restaurantjes: Kahvedan waar Shellie Corman uit San Francisco de scepter zwaait; het visrestaurant – met mooi uitzicht! – op de bovenste verdieping van het Villa Zürich hotel; en grand café Olivia.

Twee straten verder, in de Susam Sokak, woont de Turkse schrijver en Nobelprijswinnaar Orhan Pamuk in het Taray Appartement. Hij is zelden thuis. Maar ga aan het eind van de straat rechtsaf langs een verwaarloosde, witte houten villa de tuin in van de Cihangir moskee en je geniet van hetzelfde uitzicht als Pamuk: de Bosporus, de Gouden Hoorn, het Topkapi paleis, de Aya Sophia en de Blauwe Moskee in één plaatje.

Steek de straat over bij de uitgang van de Cihangir moskee en loop de Kumrulu Sokak in. Daar zijn nog traditionele houten huizen te bewonderen, opgeknapt en bewoond door Italianen. Via een steile trap terug naar het Akarsu straatje en bij de moskee links naar beneden. Daar kun je naar het museum voor moderne kunst – Istanbul Modern – gaan of onderuit zakken op de terrassen van de talloze theehuizen van Tophane. Geniet daar van een ‘nargile’ (waterpijp) met een rijke keuze aan smaken, van appel tot vanille!

En wie de vermoeidheid en het stof van de stad wil afspoelen, bezoekt een Turks badhuis (‘hamam’). De Galatasaray hamam vlakbij Istiklal heeft een goede naam. Populair zijn ook de Cemberlitaş en de Cağaloglu hamams (vanaf 60 lira) in de wijk Sultanahmet. Niet alleen voor toeristen. Turken laten zich hier ook graag verwennen tijdens een heerlijke scrub en massagesessie. Vrouwen vieren er regelmatig een vrijgezellenavond vlak voor het huwelijk. Je kunt dan meegenieten van hun feest waarbij ze op het ritme van een klein djembetrommeltje samen smartlappen en liefdesliederen zingen volgens een oude Turkse traditie.

Reageren




*

Dordtse Deniz mag al een jaar Turkije niet uit: ‘Ik hoop op vrijspraak’

Duizenden Turken beboet voor roken in auto, maar aantal rokers neemt nauwelijks af

Horendol van ongevraagde verkooptelefoontjes

Animo mkb-ondernemers voor Turkije daalt dramatisch