Artikelen:
Geniet van Istanbul met Marc Guillet

Turks brein keert terug

24 okt
2008
Door: Marc Guillet
Er zijn nog geen reacties

In: Tulpia Herfst 2008 

Haar eerste kennismaking met Istanbul was in 2004. Het zou het keerpunt in haar leven worden. Dolunay Özkaya uit Voorburg had haar studie pedagogiek afgebroken en zat psychisch in een dip.

“Ik was 24 en besloot met vrienden voor het eerst naar Istanbul op vakantie te gaan. Dat deed me heel goed. Het was een soort magisch gevoel. Ik stond in de Istiklal – de belangrijkste straat in de uitgaanswijk Beoglu – en ik voelde ‘dit is het voor mij’. Ik voelde dat ik hier zowel anoniem als mezelf kon zijn. In Nederland heb je veel ruimte om naar jezelf te luisteren. En op momenten dat het niet goed met je gaat, kan dat heel gevaarlijk zijn. Ik merkte dat je daar in Istanbul geen ruimte en geen tijd voor hebt. Dat was heel prettig voor mij. Istanbul werkte voor mij op dat moment als een medicatie. Terug in Nederland bloeide ik helemaal op. Ik twijfelde nog wel even tussen backpaking in Australie of gaan werken en wonen in Istanbul, maar uiteindelijk heb ik toch voor Istanbul gekozen. Eerst was het puur avontuur. Toen kwam de liefde en nu ben ik getrouwd en zit ik al weer drie jaar hier”.

Dolunay heeft snel carriere gemaakt in het land dat haar ouders eind jaren 70 verlieten. Eerst werkte ze bij de vestiging in Istanbul van het callcenterbedrijf HCN. Inmiddels is ze manager bij het callcenter van Agis verzekeringen in Istanbul. “We hebben 50 medewerkers, die net als ik zowel Turks als Nederlands spreken. Soms een mengelmoesje van de twee talen, net als de Turkse Nederlanders die ons opbellen. Dat schept meteen een band”, zegt ze lachend.

De Voorburgse met een Turkse achtergrond is een van de velen die de afgelopen jaren de sprong hebben gewaagd om een leven op te bouwen in Turkije. In 2005 noemde de Turks-Nederlandse IT-ondernemer Atilla Aytekin de terugkeer van hoger opgeleide Turken ‘hot’. Een trend begon zich af te tekenen. Nu is er sprake van ‘een blijvende ontwikkeling’, zegt Melik Usta, bestuurslid van Tannet, een organisatie voor hoger opgeleide Turken in Nederland. “Begrijpelijk. De enorme groeipotentie van de Turkse economie biedt veel kansen, terwijl wij in Nederland toch te maken hebben met een vrijwel verzadigde economie. Iedereen wil ook per se in Istanbul gaan wonen en werken en niet in een of ander gehucht in Anatolie. Een modaine stad en een leuke job, dat is natuurlijk een droom van velen”.

Het aantal Turkse Nederlanders van de tweede generatie dat zich voor werk vestigt in het land van hun ouders en grootouders is de afgelopen vijf jaar ruim verdrievoudigd, zo blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Van 196 in 2002 tot 710 in 2007. Vijf op de zeven emigranten is jonger dan 20. Voor het overgrote deel gaat het om goed opgeleide en geintegreerde Turken.

De vertrekkers, die vaak zijn geboren en getogen in Nederland, hebben allerlei redenen om een leven te willen opbouwen in Turkije. Vaak is het een combinatie van avontuur, het idee dat er meer carrierekansen zijn in het moderne, dynamische Turkije en bij sommigen ook een vlucht voor de benauwdheid en groeiende intolerantie in Nederland tegenover ‘moslims’ in het algemeen na de aanslagen van Al Qaeda op 9/11 en de moord op Theo van Gogh.

Zorgverzekeraar Agis

Savas Avci (38), directeur van het servicecenter in Istanbul van de Nederlandse zorgverzekeraar Agis, is niet om politieke redenen vertrokken “Toen ik in 2002 naar Istanbul vertrok was dat voor mij puur business”, zegt hij. Avci verhuisde toen hij tien was uit Adiyaman naar Nederland en studeerde en werkte daar tot zijn 32ste.

Hij voelt zich met zijn vrouw en twee dochters duidelijk thuis in Istanbul. Hij zegt te houden van de ‘dynamiek van de stad en het land’. “De ontwikkelingen gaan zo snel”. Bij zijn bezoeken aan Nederland vallen hem me steeds weer ‘die afgezaagde discussies op over allochtonen, hoofddoekjes, integratie. De meeste goed opgeleide, jonge Turken willen daar niet meer op aangesproken worden’.

Avci vindt dat Nederland in bepaalde opzichten stil staat. De groeiende intolerantie tegenover Nederlanders van Marokkaanse en Turkse afkomst, die sinds 9/11 in het publieke debat allemaal het stempel ‘moslim’ krijgen opgeplakt, irriteert hem. “Vroeger toen ik in Nederland woonde, maakte ik me zorgen over het imago van Turkije in Nederland. Nu ik in Turkije woon, maak ik me zorgen over het imago van Nederland in Turkije. Ik ben hier in Istanbul een representant van Nederland. Meer dan de helft van mijn leven heb ik in Nederland gewoond. Op het moment dat de koningin hier in Turkije is, ben ik net zo trots als andere Nederlanders en zing het volkslied mee. Elke keer als ik terugkom uit Nederland neem ik Hollandse kaas en koffie mee. Dat blijft een deel van mij. Op het moment dat Nederland hier negatief in het nieuws is, word ik net zo hard geraakt als andere, autochtone Nederlanders.” Heimwee ligt steeds op de loer. “Sommige dingen mis ik nog steeds, zoals patatje oorlog, mijn stamkroeg”.

Veel Turkse Nederlanders van de tweede generatie die spelen met de gedachte om in Turkije een bestaan op te bouwen, hebben een weinig realistisch, geromantiseerd beeld van Turkije. Dat is gebaseerd op de vele zomervakanties die ze met ouders bij familie in Turkije hebben doorgebracht. Velen verwachten dat ze met open armen zullen worden ontvangen, omdat ze meertalig zijn en omdat het onderwijsniveau in Nederland beter is dan in Turkije. Het arbeidsklimaat in Turkije is, door het gebrek aan sociale voorzieningen, echter veel harder dan dat in Nederland. ‘Een jungle’ is de meest gebruikte typering.

Avci waarschuwt voor al te hooggespannen verwachtingen en een al te rooskleurig beeld van het leven in Turkije. “Je kunt het vergelijken met een doorsnee Nederlander die in een dorp woont en zo nu en dan een dagje uit naar Amsterdam gaat. Dat is altijd hartstikke leuk. Maar als hij zelf in Amsterdam gaat wonen, komt hij ook in aanraking met de negatieve kanten van de grote stad. Die ervaring zullen veel jonge Turken die hier naar toe komen ook hebben maar dan in sterkere mate”.

Onophoudelijke herrie

Een van de dingen die Gülseren Aytekin (30) tegenvalt is het permanente lawaai. “Op een gegeven moment krijg je echt een punthoofd van al die onophoudelijke herrie. Bij ons op kantoor is er constant lawaai van buiten, ook al zijn alle ramen dicht. Ik ben nu twee keer verhuisd, maar waar ik ook woon, er is altijd lawaai van getimmer, geboor, verkeer, herrie op straat”.

Waar de manager bij buizenfabrikant Van Leeuwen Stainless ook moeilijk aan went, is de krankzinnige verkeerschaos in Istanbul. “Je hebt constant het gevoel dat je langer werkt dan de acht tot negen uur op kantoor. Wanneer je aan het eind van de dag je auto instapt, begin je nog eens aan een tweede fase stress. Dat vind ik zo vreselijk. Ik woon heel dicht bij mijn werk, maar soms kan ik enorm opgefokt raken als het een half uur duurt om dat kleine stukje naar huis te komen. Hier probeert iedereen voor te dringen. Twee rijbanen en heel veel auto’s? Oh, geen probleem, gewoon een beetje opzij gaan zodat er drie banen ontstaan. Je bent verplicht om mee te doen. Je moet net zo hard je neus in het kleinste gaatje steken als anderen, want wanneer je je aan de regels houdt veroorzaak je ongelukken”.

Toch ziet her niet naar uit dat de Turkse met de zachte Brabantse ‘g’ terug zal keren naar Nederland. Haar werkgever vroeg haar een pilot project voor een paar maanden te gaan draaien in Istanbul. “Die twee maanden zijn inmiddels tweeeneenhalf jaar geworden. We hebben nu twee verkopers, een assistente en ik. En er komt binnenkort nog een Nederlandse collega bij voor een paar jaar”.

Ze heeft hier de liefde van haar leven gevonden, is getrouwd en heeft net een zoontje. “Terug naar Nederland zit er niet in”, zegt Gülseren. “Voor ik hier kwam wonen, dacht ik dat ik hier heel veel uit Nederland zou missen, maar in Turkije heb je ook alles wat je in Nederland hebt. Istanbul is net zo westers als het Westen zelf. Wat ik hier mis, zijn mijn familie, mijn vrienden, patatje speciaal en kibbeling. Wanneer we in Nederland op bezoek zijn, krijg ik na een paar dagen al heimwee naar Istanbul. Mijn man vindt Nederland heel fijn, heel netjes, alles goed geregeld, maar veel te saai”.

Reageren




*

Dordtse Deniz mag al een jaar Turkije niet uit: ‘Ik hoop op vrijspraak’

Duizenden Turken beboet voor roken in auto, maar aantal rokers neemt nauwelijks af

Horendol van ongevraagde verkooptelefoontjes

Animo mkb-ondernemers voor Turkije daalt dramatisch